Hoogeveen/de Wolden

Frits Harinck vertelt

Herfstwandeling Dwingelderveld, 24 oktober


Op 24 oktober nam ik deel aan een begeleide herfstwandeling over het Dwingelderveld. Het was mijn eerste excursie met Groei en Bloei. Het startpunt was bij de Boslounge en daar trof ik op de parkeerplaats een groep aan van 20, 25 personen. Allemaal zestig plussers, zo te zien. Behalve een grote man, in schutkleuren met een forse hoed op. Dat moest wel de boswachter zijn, Jan. En ja, het klopte. Verder zag ik wat mensen die ik al kende van de fotogroep, waaronder Tineke en Marry, die de excursie vanuit Groei en Bloei ondersteunde. Ook leerde ik Catja kennen, met wie ik al mailcontact had gehad. Ik vraag me wel eens af waarom er zo weinig jongere mensen op dit soort excursies afkomen. Is het omdat ze er nog geen tijd voor hebben en de pensionado’s wel? Of is tuinieren en natuurbeleving een uitstervende hobby?
De ontvangst was hartelijk. Ik kreeg koffie en koek. En er was een open sfeer. Je kon je makkelijk bij mensen aansluiten en in gesprek raken. Maar al snel vertrokken we over het betonnen voetpad dat in een kring om de Boslounge loopt. De focus lag op paddenstoelen. Dat werd meteen duidelijk. En niet ten onrechte. Overal waren er paddenstoelen en zodra je buiten het pad trad, moest je oppassen waar je je voeten zette. De overvloedige regen zal er zeker aan bijgedragen hebben. Dat dacht ook de boswachter.
De excursie verliep een beetje anders dan ik verwacht had. Ik had gedacht dat we achter de boswachter aan zouden wandelen, dat hij ons regelmatig zou wijzen op interessante paddenstoelen en dat we al doende een vijf, zes kilometer zouden wandelen. Niet dus. Zodra we een honderd meter gewandeld hadden en de eerste paddenstoelen hadden bekeken, begon de groep uiteen te vallen in kleine steeds weer wisselende groepjes. Deze groepjes begonnen met groot enthousiasme en de nodige behoedzaamheid het bos rond het pad af te zoeken. Wie iets moois vond, meldde dit weer aan de anderen, zodat zij ook de vondst konden zien en fotograferen. Ook werden er veel ervaringen uitgewisseld, zodat je goed van elkaar kon leren. En iedereen was actief en enthousiast, slecht ter been of niet. Zo zagen we heel veel moois, maar vorderden langzaam, zodat we na een twee uur wandelen nog geen twee kilometer hadden afgelegd. Geen wandeltocht, maar een speurtocht. 
De oogst aan paddenstoelen was rijk. We hebben veel soorten gezien, fraaie exemplaren ook. En ook een aantal soorten die ik nog nooit gezien had. Ik weet al die soorten niet zo precies, ik onthoud de namen niet meer zo goed.  Maar om een paar soorten te noemen die indruk op me maakten; de porseleinzwam, de stinkzwam, de sponszwam, de reuzenzwam, de russula en de dennenvoetzwam. En het opmerkelijke is, ik heb dat pad al honderden keren begaan, wandelend, joggend of speurend. Maar ik heb er nog nooit zoveel moois gezien en er nog nooit zo’n plezier aan gehad. ‘Samen speuren’ bevalt me uitstekend. Met dank aan boswachter Jan en Marry, die deze tocht georganiseerd en begeleid hebben. 
Frits Harinck